Drie factoren bepalen winst

Nieuwsbrief SmartCapital

    

Drie factoren bepalen winst

  

600_sam_hollanders_foto4.jpg  
De toekomstige winst die je op de beurs kan maken wordt bepaald door drie factoren. Als eerste is er de rentevoet. De rente is een belangrijke factor in het waarderen van aandelen (maar ook vastgoed en andere zaken). We verlangen tenslotte allemaal toch een extra risicopremie ten opzichte van de risicovrije rente als we in iets beleggen? Waarom zouden we anders het risico aangaan?

Als we vandaag naar de rente kijken, dan lijkt deze enkel maar naar omhoog te kunnen, veel lager kan het in elk geval niet worden. Maar het lijkt er ook op dat het nog lang zal duren voor deze terug gaat stijgen. Het enige dat we hier zeker weten is dat hij nog maar enkele punten kan dalen, maar een veelvoud ervan kan stijgen. Deze factor zal dus eerder negatief werken op onze winstverwachting.

De tweede factor is de langetermijngroei van de bedrijfswinsten. Als we dit als een totaal beschouwen, is deze vooral gelinkt aan de groei van de bevolking.  Vermits de wereldwijde bevolking nog steeds groeit, lijkt dit een positieve factor. Al mogen we niet vergeten dat in Japan de bevolking al jaren daalt en dit scenario ook elders te zien zou zijn zonder immigratie. Onderliggend zijn er grote verschillen tussen bedrijven en sectoren waar we als belegger van willen profiteren. 

De derde factor is de waardering van de markt, want op lange termijn evolueert de markt steeds terug naar haar gemiddelde. Met andere woorden, een huidige hoge waardering brengt lage lange termijnwinsten in de toekomst en andersom een lage waardering brengt mooie winsten. De twee vorige factoren hebben we te nemen zoals deze komen, maar met deze laatste factor kunnen we wel wat mee in onze beleggingsbeslissingen.
 

Hoe bepaal je of de markt duur is?

Volgens Warren Buffett is de beste maatstaf van de algemene waardering van de beurs (van een bepaald land of regio) op eender welk moment, de totale marktwaarde van die beurs ten opzichte van het bruto nationaal product (BNP) van dat land.

Laten we aan de hand van deze maatstaf eens kijken waar we vandaag staan.

De USA staat op 140,2% wat duur is gezien de historiek. Maar 1 keer in de 49 jaar die werd opgevolgd, stond deze ratio hoger, op 149%.

Ook België staat met 229% duur, al kunnen we hier slechts afgaan op 9 jaar aan data. Nederland lijkt dan weer eerder op een gemiddelde waardering uit te komen, net als Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Duitsland en Zweden staan wat duurder. De beurzen van Spanje en Italië zijn eerder goedkoop gemeten naar hun gemiddelde van het BNP ten opzichte van de totale marktkapitalisatie.

Naar deze maatstaf zijn de beurzen in het algemeen niet duur, maar wel eerder overgewaardeerd in Amerika, Duitsland en Zweden. In mijn ogen niet toevallig markten waar via passief beleggen wel wat extra geld naar toe is gevloeid, en zijn Italië en Spanje goedkoop, waarvan beleggers minder snel de “index” zullen kopen.

Er zijn natuurlijk nog andere vormen om te zien hoe goedkoop of duur een markt is. We kunnen deze relatief vergelijken op basis van koerswinst, koersboekwaarde, dividendrendement,...

Deze maatstaven geven een relatief gelijk beeld, ook hier zien we USA en België als dure landen, maar hier lijkt Frankrijk wat duurder en Duitsland eerder gemiddeld, vooral het dividendrendement is er hoog.

Het probleem met de koers/winst-verhouding (PE) is natuurlijk dat het kan zijn dat als winsten uitzonderlijk hoog zijn, deze goedkoop lijkt terwijl het net niet is en andersom, bij uitzonderlijk lage winsten kan zo een land duur lijken terwijl het goedkoop is. Daarom wordt ook vaak de Shiller PE of Cyclically Adjusted Price Earnings (CAPE) gebruikt, omdat deze uitgaat van genormaliseerde winsten, waarbij pieken en dalen worden herwerkt.

De gemiddelde CAPE van de twintigste eeuw was 15,2, wat overeenkomt met een gemiddeld rendement van 6,6% voor aandelen op de daaropvolgende 20 jaar. Laten we dat dan ook als redelijke waardering nemen. Dan zien we opnieuw dat Amerika en België duur zijn, maar ook Nederland oogt dan helemaal niet meer goedkoop. Enkel, Spanje en Polen zijn dan nog goedkoop te noemen.

En ook op deze manier van relatieve waardering is kritiek te geven. Zo zijn de boekhoudnormen veranderd, wat de manier hoe de winst wordt berekend bepaalt. De economie is niet meer dezelfde als in de twintigste eeuw na de digitalisering,...
 

600_sc90.jpg
 

Wat doen we ermee?

Of de gebruikte methodes hierboven goed zijn of niet en wat de beste is, speelt geen rol. Dat we een relatief gelijk beeld krijgen vind ik belangrijker. We mogen aan de hand van deze cijfers gerust concluderen dat de beurzen over het algemeen niet goedkoop zijn en Amerika en België eerder duur.

Maar wat doen we daar dan mee? Trekken we ons terug uit de beurs? Verkopen we alles en gaan we aan de zijlijn staan?

Zoals u weet ben ik daar geen voorstander van. Ik gebruik dan ook steeds de quote van Peter Lynch, de legendarische belegger die het Magellan Fund tussen 1977 en 1990 met 29,2% per jaar deed groeien: “Er is meer geld verloren gegaan in het anticiperen op een marktcorrectie dan in de marktcorrecties zelf”.

Daarnaast moet je ook maar gewoon in onze portefeuille kijken, de aandelen daarin zijn bijlange na niet duur. Dat hebben we de laatste weken gemerkt aan insiders die kopen of biedingen die we kregen........

 
Gelooft u in de expertise van SMART Capital?

Teken vandaag nog in voor mijn beleggingstips, dan krijgt u er bovendien 3 maanden gratis bij. 

 
600_button_3_maanden_gratis_pd.jpg
 

Niet tevreden, geld terug

Ik mag u vandaag een mooie aanbieding doen, maar ik ga nog een stap verder…

Als het abonnement u niet bevalt, krijgt u het niet verbruikte deel van uw abonnement terug. Een berichtje naar onze klantenservice is voldoende om uw abonnement te stoppen. U kunt het abonnement te allen tijde opzeggen. Wij hanteren geen opzegtermijn.
 

600_button_abonneer_hier_pd.jpg 

Met vriendelijke groet,
 
Sam Hollanders
SMART Capital